Griel (Burhinus oedicnemus) te Wuustwezel-Wezelse Heide op 15 juni 2008


Reeds jaren doorkruis ik geregeld in de periode eind februari tot eind juni de Antwerpse Noorderkempen voor het tellen van Zwartkopmeeuwen Larus melanocephalus. Zo ook op zaterdag 14 juni 2008 wat resulteerde in een totaal van 500 Zwartkopmeeuwen in de regio Essen-Kalmthout-Wuustwezel op de pas gemaaide nat geregende voedselrijke graslanden.
Aangezien ik vermoedde dat er nog meer Zwartkopmeeuwen zaten, bezocht ik tijdens de namiddag van zondag 15 juni 2008 opnieuw dezelfde landbouwgebieden en enkele andere landbouwgebieden in de buurt te Wuustwezel en Brecht.
Nadat ik reeds 610 Zwartkopmeeuwen had gevonden, w.o. een groep van 350 ex. tussen Wuustwezel en Gooreind, besloot ik om nog enkele landbouwgebieden t.h.v. de NL grens te Wuustwezel en Loenhout af te speuren.

Om 16.30 h bemerkte ik onderweg langs het Engelsbaantje in de Wezelse Heide te Wuustwezel tijdens een onweer met zeer hevige regenneerslag met het blote oog vanuit de rijdende auto een redelijk grote lichtbruine vogel op een pas ingezaaide maisakker, en dit op een afstand van ca 50 m. Ik reed onmiddellijk terug achteruit aangezien de vogel op het eerste zicht een plevierachtig voorkomen had (alhoewel hij te groot leek voor een Goudplevier) doch de vogel vloog vrijwel onmiddellijk op.

 

Met mijn verrekijker zag ik nog net vaag door de beregende zijruit van de auto (en de hevige regen stond op dat moment quasi loodrecht op de zijruit) een zwart-wit-patroon op de hand- en armpennen van de bovenvleugels die tevens vrij lang leken wat me onmiddellijk deed denken aan een Griel.
De vogel streek gelukkig terug neer na een korte vlucht van een 100-tal m’s en liep vervolgens in quasi horizontale “gebukte” houding snel naar de rand van het maisveld.

Ik vreesde dat de vogel ging schuilen in het naastliggende maisveld alwaar de mais reeds 30 cm hoog stond, doch gelukkig bleef de vogel zitten aan de rand, waarna ik hem eindelijk, zij het wazig door de beregende zijruit van de auto, pleisterend kon waarnemen en waarbij vooral de verticale houding van de vogel sterk opviel met bijna recht naar beneden gerichte staart.

Nu was ik 100 % zeker dat het een griel betrof, doch hopelijk geen ontsnapte Afrikaan !

 

 Door de nog steeds zeer hevige regen op dat moment was ik echter zo goed als genoodzaakt nog een 10-tal minuten in de auto te wachten, waarvan ik gebruik maakte om mijn broer Peter, Jef De Ridder, Jan Scheirs, Glenn Vermeersch en Walter Sluis te verwittigen evenals Gerald Driessens zodat enkele minuten later de waarneming reeds via RBA werd bekendgemaakt.

Griel - Burhinus oedicnemus - Stone-Curlew
Wuustwezel 15/06/2008

foto Glenn Vermeersch

 Na de regenbui wandelde de vogel terug een eindje op het pas ingezaaide maisveld, waarna ik van op een afstand van ca. 150 m met telescoop de volgende kenmerken noteerde: 

-          opvallende koptekening door witte wenkbrauwstreep, witte mondstreep onderaan begrensd door een zwarte lijn en lichte keel

-          grote gele ogen

-          bruine zandkleurige mantel en borst

-          vertikale streping op borst

-          lichte ongestreepte buik

-          opvallend vleugelpatroon door witte baan op vleugeldekveren onderaan begrensd door een fijne zwarte streep

-          vleugel onderaan zwart begrensd (t.g.v. zwarte hand- en armpennen op de bovenvleugel die ik juist voordien tijdens de korte vlucht duidelijk had gezien)

-          opvallende staartprojectie

-          vrij lange gele poten

-          gedrag : “sluipend” loopgedrag met horizontale houding en tussen schouders ingetrokken kop (in tegenstelling tot de vertikale rechtopstaande houding die ik juist voordien waarnam toen de vogel schuilde voor de hevige regen aan de rand van het maisveld)

 

Aan de hand van voormelde kenmerken determineerde ik de vogel 100 % zeker als Griel. Dat het geen “ontsnapte” Senegalese Griel betrof, blijkt uit de aanwezigheid van een opvallende witte baan op de vleugeldekveren, het ontbreken van een opvallend lichtgrijs vleugelveld en het voorkomen van vrij veel geel op de snavelbasis. Dit werd ook bevestigd door mijn broer Peter die kort nadien ter plaatse was en die, in tegenstelling tot mezelf, Senegalese Griel op zijn soortenlijst heeft staan.

Aan de hand van de afbeeldingen in de ANWB-Vogelgids (die ik steeds bij me heb) van een juveniele en een adulte Griel besloot ik dat het een adulte vogel betrof en dit o.w.v. de aanwezigheid van een opvallende witte baan op de vleugeldekveren en de aanwezigheid van een zwarte lijn onderaan de witte mondstreep.

Tot 17.15 h heb ik de vogel geobserveerd waarna ik thuis literatuur over de Griel en nauw verwante soorten raadpleegde. Uit de literatuur en meer bepaald uit “Shorebirds” van Peter Hayman, John Marchant en Tony Prater blijkt dat een juv. en een ad. Griel echter moeilijker te onderscheiden zijn dan wat de afbeeldingen in de ANWB-Vogelgids doen uitschijnen. Volgens “Shorebirds” is een juv. in het veld te onderscheiden door de opvallend rossige uiteinden van de tertials en de minder witte, meer lichtbruine baan op de vleugeldekveren onderaan begrensd door een minder duidelijke meer bruin-zwarte lijn.

Naast Senegalese Griel is er nog een 2de soort die enigszins zou kunnen verward worden met Griel nl. de in zuidelijk Afrika voorkomende Water Dikkop, maar ook deze soort heeft geen witte baan op de vleugeldekveren doch een opvallend lichtgrijs vleugelveld, zoals Senegalese Griel, en is tevens opvallend donkerker bruin van mantel, waardoor een eventuele “escape” van deze soort eveneens kon worden uitgesloten.

Glenn Vermeersch kon later rond 20.00 h bij mooie avondbelichting vanuit zijn auto de vogel nog vastleggen op foto. Tijdens het fotograferen werd de vogel echter opgestoten door een nieuwsgierige fietser waarna de vogel op een te grote afstand ging zitten om nog betere shots te maken ; vandaar slechts één foto. De laatste waarneming werd diezelfde avond verricht na 22.00 h door Marnix Thibaut. ’s Anderendaags 16 juni 2008 was Glenn Vermeersch reeds om 5.15 h ter plaatse met het oog op het maken van nog enkele goede shots, doch de vogel kon spijtig genoeg niet worden teruggevonden, ook later niet door mijn broer Peter.

De foto van Glenn Vermeersch vind je op www.pbase.com/glennv/image/98724241 .

Op deze foto is voormelde witte baan op de vleugeldekveren goed te zien wat dus wijst op een adulte vogel doch ik zou hierbij willen opmerken dat de fijne minder opvallend zwarte streep onderaan de witte baan op de vleugeldekveren en de rossige tint op de uiteinden van enkele tertials (zoals op de foto is te zien, doch niet door mij werd waargenomen in ’t veld) wel eens zouden kunnen wijzen op restanten van juveniel kleed zodat de vogel mogelijk een 1stezomer of 2dejaars betreft.

 

Deze waarneming betreft de 6de waarneming voor de regio en de 1ste juni-waarneming. De vorige waarnemingen (allen aanvaard door het BAHC) betreffen:

1962:   1 mei Kalmthout-Kalmthoutse Heide 1 ex. (Giervalk 1967: 231)

1981:   21 juli t/m 1 augustus en 22 augustus Brecht-Groot Schietveld 1 ex. (V. Dupont, J. De Ridder en P. Symens, Wielewaal 1981:406)

1990:   10 juli Kalmthout-Kalmthoutse Heide 1 ex. ’s avonds pleisterend en later opvliegend naar N (L. Van Schoor en B. De Munck, Oriolus 1990:122)

1996:   21 t/m 24 juli Brecht-Groot Schietveld 1 ex. (V. Dupont, J. De Ridder, J. Elst, D. Symens, G. De Smet e.a., Oriolus 1996:99)).

2006:   4 mei Brecht-Brechtse Heide 1 ex. (J. Scheirs, G. Vermeersch, J. Elst, C. De Groof en G. Vergauwen, Natuur.oriolus 2007:23)

Dirk Symens
symens.dirk@pandora.be

 

[home][contact]