De Heggenmus (Prunella  modularis)

De zang van de Heggenmus hoor je ook dikwijls in de winter, want de exemplaren uit onze streken overwinteren hier. Toch zijn er bij ons en in de Noord-Europese landen nog enkele die vasthouden aan overlevering en traditie en die in september en oktober naar Zuid-Europa trekken.
Men noemt hem ook soms de "basterdnachtegaal", omdat de aanhef van zijn zang een beetje doet denken aan de Nachtegaal.

In feite is de naam “Heggenmus” een beetje verkeerd gekozen, want de vogel is helemaal geen familie van de mus. Heel waarschijnlijk heeft iedereen wel een Heggenmus in de tuin, maar let men er niet speciaal op omdat het in feite een onopvallende vogel is die zich schuilhoudt in het lage struikgewas, de braamstruiken, in doornige heggen (vandaar de naam) en heesters en daarom niet dikwijls wordt opgemerkt.
Enkel in het voorjaar zoekt hij een hoge zangpost op en is dan duidelijk op te merken.
Maar, net zoals bij de mensen is het hier ook het geval: men schrikt het meest van de levenswandel van de onopvallenden! "Dat had ik daar nooit van gedacht!" geldt ook voor onze onopvallende Heggenmus, met zijn leigrijze borst en kop, zijn bruingestreepte flanken en zijn slanke snavel.

heggemus

Deze snavel is typisch voor de insecteneters, maar in het najaar als er niet zoveel meer van die beestjes te verorberen zijn, schakelt hij over op zaden en verandert, net zoals bij de Koolmees, zijn maag. De maag wordt groter en de maagwand wordt harder zodat er zaden mee kunnen gekraakt worden. Om plaats te geven aan de maag die groter wordt, krimpen de teelballen wat in, want deze instrumenten heeft de Heggenmus op dat ogenblik toch niet nodig. Bij de wijfjes is de baarmoeder sowieso kleiner geworden en is er ruim voldoende plaats in de buik.
Bij het zoeken naar insecten rukt de Heggenmus soms bladeren af en schudt die heen en weer om de insecten er te doen aftuimelen. Dat heeft hij waarschijnlijk geleerd van de Merel, want die doet dat ook.
Als het aanhoudend slecht weer is en er bijna geen insecten zijn, worden de jongen ook soms gevoerd met zaden. Deze worden dan eerst in de krop geweekt tot een brij. Daardoor stijgen natuurlijk de overlevingskansen van de boorlingskes.

Nu terug naar zijn levenswandel. Het huwelijksleven van de Heggenmus is het best te vergelijken met een commune. De mannetjes hebben meerdere vrouwtjes, maar ook deze laatste genieten van het leven en verschillende vrouwtjes hebben meerdere mannetjes. Daar komen dan nog hulpmannen en hulpvrouwen bij en de favoriete sport van al deze vogels is het plegen van "overspel". Meneer heeft zijn kop nog niet gedraaid, of mevrouw ontvangt de buurman in haar bed en omgekeerd. Als mevrouw even van huis is komt de buurvrouw even stoeien.
Onderzoekers hadden de vogels gemerkt met gekleurde ringen om te trachten toch een beetje zicht te krijgen op het liefdesleven van de diverse vogels.
Wat stelden zij nu vast?
Als het mannetje thuiskomt en hij betrapt zijn wijfje op overspel, dan sodemietert hij eerst de bezoeker de deur uit en daarna begint hij te pikken in het achterlijf van zijn vrouw tot zij het zaad verliest dat haar minnaar heeft achtergelaten. Ogenblikkelijk nadat het sperma van de verboden liefde is verwijderd, paart hij met zijn echtgenote zodat hij er bijna zeker van mag zijn dat het zijn eigen kinderen zijn die straks worden geboren.

heggemus

En zelfs dan is hij nog niet zeker van een nageslacht, want de Heggenmus is de geliefkoosde waardvogel van de Koekoek. Men weet niet met zekerheid waarom dit zo is, maar het zou kunnen liggen aan het feit dat een Heggenmus broedt op alle soorten eieren, hoe ze er ook uitzien.

Kleine anekdote: Marjolein Bastin en Nico De Haan schrijven in hun boek "Kijk op vogels om het huis" dat er ooit een Victoriaanse dominee, F.O. Morris, die niet op de hoogte was van het seksleven van de Heggenmus, zijn parochieleden aanraadde om een voorbeeld te nemen aan de levenswijze van deze vogel.

 

Hoe dan ook, de knapste zangers krijgen in het voorjaar de mooiste wijfjes.
Eens de huwelijksovereenkomst (als men daar tenminste van kan spreken), gesloten, danst het mannetje rond het vrouwtje, wappert met zijn vleugels, draait met zijn staart en paart uiteindelijk.
 

Daarna bouwen beide het nest: een zeer stevig bouwsel dat van binnen wordt bekleed met mos, haar en veertjes.
Het legsel bestaat uit 3 tot 6 (meestal 4 of 5) helder blauwgroene eieren die grotendeels door het wijfje in 12 à 13 dagen worden uitgebroed. Gedurende het broeden verlaat mevrouw geregeld het nest om te gaan dineren, maar voor de eieren kan dit geen kwaad omdat de binnenzijde van het nest de warmte goed bewaart. 

Als de jongen uit het ei zijn gekropen krijgen de meeste ouders hulp van een maatschappelijk assistent. Een tweede mannetje wordt aangenomen om mee de kinderen te helpen verzorgen en voeden.

Eigenaardig genoeg is die bijkomende hulp soms de oorzaak dat de jongen minder goed worden verzorgd. Want, dikwijls komen papa of mama en de kindermeid tegelijkertijd aan met voedsel en dan ontstaat er ruzie wie nu het eerst de kleintjes eten zal geven. Gedurende die ruzie bestoken ze elkaar met verbaal geweld, de insecten tuimelen uit hun bek en het resultaat van dit alles is dat de jongen geen eten krijgen. Zo is vastgesteld dat, zelfs met huishoudelijke hulp, minder jongen tot ontwikkeling kwamen dan in een gezin zonder externe hulp. 

Na ongeveer 2 weken (12 tot 14 dagen, afhankelijk van het weer), verlaten de jongen het nest maar ze kunnen op dat ogenblik nog niet goed vliegen. Het duurt nog enkele dagen vooraleer ze volledig zelfstandig zijn.
Daardoor vallen ze nogal eens te prooi aan Eksters, Vlaamse gaaien en Kraaien. Om dat dan weer op te vangen heeft de Heggenmus meestal 2 tot 3 legsels per jaar.
 

Net voor het wijfje eieren legt laat het mannetje zich weer horen van op de top van een conifeer of struik. Het is een zeer karakteristiek liedje dat zowat 4 tot 5 seconden duurt en het midden houdt tussen het liedje van het winterkoninkje en dat van de roodborst.

De liedjes zijn individueel verschillend en als een mannetje van een gebuur een deuntje hoort dat hem bevalt, neemt hij daar dikwijls stukken van over. 

Je ziet, de Heggenmus neemt het echt niet zo nauw, noch met de huwelijkstrouw als met de auteursrechten.

 

Bert Meynen

 

 

[home][contact]