|
Seizoensoverzicht vogels: periode december 2009 – februari 2010
Het was
jaren geleden dat we nog zo een winter hebben meegemaakt. Er waren lange
vorstperiodes en ook geregeld kregen we een pak sneeuw te verwerken. Dit
alles had ook zijn invloed op verschillende vogelsoorten. Een aantal
soorten zoals Reigers en IJsvogels zullen het ongetwijfeld zeer moeilijk
hebben gehad. Een aantal andere vogels kwamen dan weer in veel grotere
aantallen dan normaal onze regio bezoeken. Door het harde winterweer in
Noord – Nederland moesten een aantal vogelsoorten hun vaste
overwinteringsplaats verlaten en kregen we in onze regio uitzonderlijk
veel ganzen en zwanen te zien op de weilanden. Een aantal zangvogels
waren deze winter echter in kleinere aantallen aanwezig of zelfs
helemaal afwezig.
Op 26 feb. was
een Fuut (Podiceps cristatus)
aanwezig op de Putse Moer in de Kalmthoutse Heide.
Zeer opmerkelijk was de Jan-van-gent (Morus
bassanus)
die op 17 jan. over Wuustwezel vloog.
Erg leuk was de waarneming van een Roerdomp (Botaurus
stellaris)
die op 28 jan. aanwezig was in de Maatjes. Grote Zilverreigers (Casmerodius
albus)
werden op verschillende plaatsen gezien. Door de vorstperiode werden zelfs
enkele exn. waargenomen langs de Kleine Aa in Essen en in
Wuustwezel-Loenhout. De eerste Ooievaar (Ciconia
ciconia)
vloog op 8 febr. over Essen-Centrum. Later vlogen nog enkele exn. over en op
17 feb. trok een groepje van 17 exn. over de Kalmthoutse Heide.
Op 27 dec. waren 4 Kleine Zwanen (Cygnus
bewicki)
aanwezig in Hopmeer. Begin jan. waren niet minder dan 12 exn. aanwezig in de
Brechtse Hei. Ook te Wuustwezel-Loenhout werden 4 exn. waargenomen op 10
jan.. Vanaf 20 jan. waren geregeld enkele exn. aanwezig bij het
weilandencomplex Matjens - Maatjes - Wezelse Hei met een max. van 3 exn. Op
27 feb. was hier nog 1 ex. aanwezig. Wilde Zwanen (Cygnus cygnus)
bezochten deze winter onze regio in opmerkelijke aantallen. Vanaf 20 feb.
streken niet minder dan 14 adulte exn. neer in de Wezelse Hei! Op 27 feb.
waren nog steeds 11 exn. aanwezig. Ook in het traditionele
overwinteringsgebied de Brechtse Hei, was de soort met een max. 11 exn
(waaronder 2 juv.) goed vertegenwoordigd. In dec. en jan. werden ook af en
toe enkele exn. waargenomen in Hopmeer.
Toendrarietganzen
(Anser serrirostris)
werden deze winter in zeer grote aantallen waargenomen in de regio! Op heel
wat plaatsen werd deze soort waargenomen en op enkele plaatsen pleisterden
groepen van meer dan 1000 exn. In de Brechtse Hei zaten op 17 feb. niet
minder dan 3200 exn! In Wuustwezel-Loenhout werden op 21 en 24 feb. resp.
1700 en 1000 exn. waargenomen. Bij Brecht/Sint-Lenaarts was nog een groep
van 2500 exn. aanwezig in feb. Nog een zeer grote groep van 3000 exn. op 17
feb. in De Bleeke Heide te Chaam (net buiten onze regio) is zeker het
vermelden waard. Verder waren er op nog heel wat plaatsen waarnemingen van
honderden exn. in jan. en feb..
Ook van
Kleine
Rietgans
(Anser brachyrhynchus),
voor onze regio toch een speciale verschijning, werden heel wat waarnemingen
verricht. Zo waren in feb. geregeld exn. aanwezig te Wuustwezel-Loenhout met
een max. van 6 exn. Ook waren er nog regelmatig waarnemingen van exn. op
een aantal plaatsen in de regio. Leuke aantallen van resp. 8 en 9 exn.
werden in feb. geteld in de Wezelse Hei en in Hopmeer! Ook Kolganzen
(Anser
albifrons)
waren in jan. en in feb. met enkele duizenden exn. enorm talrijk
vertegenwoordigd in de regio: o.a. in de Wezelse Hei, Hopmeer en de
Kalmthoutse Heide waren groepen van meer dan 1000 exn. aanwezig. De Bleeke
Heide te Chaam vormde ook hier weer de uitschieter met niet minder dan 4000
exn. Ook het max. van 3000 exn. in Hopmeer is een vermelding waard.
Eén van de hoogtepunten voor deze periode was een
Dwerggans
(Anser
erythropus)
die op 21 jan. bij de Steertse Heide in de Kalmthoutse Heide werd ontdekt
tussen de Kolganzen. Grauwe Ganzen (Anser anser)
werden regelmatig gemeld in wat kleinere aantallen tot max. 150 exn. op
diverse plaatsen in de regio.
Een zeer bijzondere waarneming was die van een ongeringd witte fase
van een
Sneeuwgans
(Anser caerulescens hyperboreus).
Dit ex. was op 4 feb. aanwezig tussen Kol- en Brandganzen in Hopmeer. De
grootste aantallen Brandganzen (Branta leucopsis)
zaten deze periode in Hopmeer. In feb. pleisterde hier een groep van max.
240 exn. Uitzonderlijk was de waarneming van een
Rotgans
(Branta bernicla)
die van 21 tot en met 24 feb. aanwezig was in het weilandencomplex De
Matjens – Maatjes - Wezelse Hei. Normaal overwintert deze soort bijna
uitsluitend in de omgeving van de kustgebieden in Nederland en België.
Enkele vrij grote groepen Smienten (Anas
penepole)
verbleven deze winter weer in de streek. De grootste aantallen verbleven in
Hopmeer (max. 260) en op het Stappersven (max. 109).Ook Krakeenden (Anas
strepera)
waren in grote aantallen aanwezig. Bij De Maatjes werden meer dan 100 exn.
geteld. Wintertalingen (Anas
crecca)
werden eerder in kleinere groepen vermeld. Tijdens de vorstperiode waren ze
wel opvallend aanwezig op de Kleine Aa in Kalmthout en Essen. Pijlstaart
(Anas
acuta)
was vooral op het Stappersven opvallend aanwezig met een max. van meer dan
100 exn. Slobeend (Anas
clypeata)
was deze winter in zeer kleine aantallen vertegenwoordigd in de regio. Dit
geldt ook voor Tafeleend (Aythya ferina).
De grootste aantallen Kuifeenden (Aythya
fuligula)
werden vooral geteld in de Kalmthoutse Heide. Op de Putse Moer waren max. 59
exn. aanwezig. Brilduikers (Bucephala
clangula)
werden geregeld gezien op de Putse Moer en het Stappersven. Op de Putse Moer
verbleef een max. van 11 exn. op 26 feb.
Leuk waren de winterwaarnemingen van Rode Wouw (Milvus milvus).
Op 28 jan. werd een ex. waargenomen in Wuustwezel-Centrum en in de Wezelse
Hei. Nog een ex. vloog op 17 dec. over Essen-Wildert. Blauwe Kiekendieven
(Circus
cyaneus)
waren talrijker aanwezig dan voorgaande winters. Deze soort werd op heel wat
plaatsen opgemerkt in de regio. Het enige Smelleken (Falco
columbarius)
voor deze peroide vloog op 16 jan. over de Wezelse Heide. Slechtvalken
(Falco
perigrinus)
waren regelmatig aanwezig in Hopmeer, De Wezelse Heide, De Kalmthoutse Heide
en op het Groot Schietveld.
Op enkele weilanden in de regio werden kleine groepjes Patrijs (Perdix
perdix))
waargenomen. In Essen-Centrum werden max. een 15-tal exn. waargenomen.
Op 25 feb. vlogen 22 Kraanvogels (Grus
grus)
over het Klein Schietveld. Later werd vermoedelijk dezelfde groep nog
waargenomen boven Wuustwezel-Loenhout.
Eind febr. werden weer geregeld Goudplevieren (Pluvialis
apricaria)
aanwezig in de Wezelse Heide. Op 24 feb. werden hier max. 68 exn. geteld. Op
een weiland in Wuustwezel-Loenhout waren 31 exn. aanwezig op 24 feb.
Watersnippen
(Gallinago gallinago)
waren deze winter eerder in kleine aantallen aanwezig. Op heel wat plaatsen
werden Houtsnippen (Scolopax
rusticola)
opgestoten (zelfs in tuinen).De eerste 2 Grutto’s (Limosa
limosa)
waren op 23 feb. aanwezig in de Wezelse Heide. Op 27 feb. werd reeds een
Tureluur (Tringa
totanus)
waargenomen in de Wezelse Heide.
De eerste Zwartkopmeeuw (Larus
melanocephalus)
voor onze regio was aanwezig op 7 feb.
Op 22 jan. vloog er een IJsvogel (Alcedo
atthis)
rond op het Klein Schietveld. Verder kwamen er zeer weinig waarnemingen
binnen van deze soort. Deze vogels hebben het ongetwijfeld hard te verduren
gekregen aangezien vele plassen dichtgevoren waren tijdens deze winter!
Zwarte
Specht
(Dryocopus martius)
doet het vrij goed in de regio. Deze winter werd deze soort heel wat gehoord
of gezien.
De eerste Boomleeuwerik (Lullula
arborea)
was terug aanwezig in de heidegebieden vanaf 25 feb. Op 10 jan. werd nog een
ex. waargenomen op een akker in Kalmthout-Centrum. Van Veldleeuwerik
(Alauda
arvensis),
een akkervogel die het de laatste jaren zéér slecht doet in Vlaanderen,
werden enkele overwinterende groepjes waargenomen in de regio.
Enkele Grote Gele Kwikstaarten (Motacilla
cinerea)
werden deze winter af en toe waargenomen in Essen en Kalmthout.
De eerste Roodborsttapuit voor de regio (Saxicola torquata)
was terug aanwezig op het Groot Schietveld vanaf 27 feb.
Kramsvogels
(Turdus
pilaris)
waren in feb. in nooit geziene aantallen aanwezig in de regio. Te Essen
-Hoek werden niet minder dan 12.000 exn. geteld!! Ook in de Wezelse Heide
werden meer dan 6000 exn. waargenomen! Verder waren er nog vele waarnemingen
van kleinere groepen op diverse plaatsen.
In een tuin in Wuustwezel-Gooreind werd gedurende deze winter geregeld een
mannetje Zwartkop (Sylvia
atricapilla)
waargenomen.
Klapeksters
(Lanius excubitor)
verbleven deze winter weer geregeld in de verschillende heidegebieden in de
regio. Op het Groot Schietveld, het Klein Schietveld en de Kalmthoutse Heide
werden max. 2 exn geteld. Dit is toch wel minder dan andere jaren. Op het
Klein – Schietveld was de soort tijdens de vorst- en sneeuwperiode zelfs
volledig afwezig.
Kruisbekken
(Loxia curvirostra)
werden sporadisch gezien of gehoord in de Kalmthoutse Heide en het
Stappersven. Ditzelfde gold ook voor Goudvink (Pyrrhula
pyrrhula).
Tot
zover dit overzicht.
Waarnemers:,
Jos Cox, Wim De Bock, Jef De Ridder, Steven De Saeger, Koen Dierckx, Huub
Don, Joris Elst, Bert Goyens, Jos Jacobs, Louis Jacobs, Herman Jacobs, Jean
Jordaens, Ignace Ledegen, Jos Keuppens, Karel Molenberghs, René Nelen, Bruno
Nef, Herman Nuytemans, Joris Pinseel, ,Walter Sluis, Toon Spanhove, Paul
Snels, Dirk Swaenen, Dirk Symens, Peter Symens, Marnix Thibaut, Wim
Vandenbergh, Cel Van Hooydonck, Cees Van Laerhoven, Nick en Luc Van Oevelen,
Leo Vanwesenbeeck, Wouter Vanwesenbeeck, Glenn Vermeersch, Koen Verschoore,
Michel Viskens, Herman Voet, Bernd Willaert, Ludo Wens.
Samenstelling: Wouter Vanwesenbeeck |